29/04/22 ELISABETH CENTER ANTWERPEN
int(3)
15.30 - 17.00
OKAPI 1

VOLZET - De handhaving van de witwaspreventiewet: kleine oorzaken, grote gevolgen

Op advocaten rusten er witwaspreventieplichten. Ze moeten hun cliënten grondig (blijven) doorlichten en witwasvermoedens aan de stafhouder melden. Het is veelal administratieve rompslomp. Toch nemen advocaten die plichten best ernstig, want de sancties zijn niet min.

Deze sessie staat daarom stil bij het handhavingsluik. Ze gaat dieper in op de controleactiviteiten van de balie en de wisselwerking tussen de tucht- en strafrechtelijke sanctionering van inbreuken op de witwaspreventiewet, die steeds vaker aanleiding geven tot  vervolgingen wegens medeplichtigheid aan witwasoperaties van de cliënt. Deze sessie belicht ook bewijsrechtelijke vraagstukken: wanneer is een witwasmisdrijf bewezen en op wie rust de bewijslast?

Witwaspreventie in de praktijk. Ervaringen van de NOAB

Luc Vanheeswijck schetst de praktische ervaringen van deze balie met de toepassing van de preventieve witwaswetgeving. Zowel de witwasmeldingen door advocaten, de meldingen door de stafhouder, soms zelfs ambtshalve, als de controles op de naleving van deze wetgeving passeren de revue. Ook de tuchtrechtelijke aanpak en de, soms moeilijke, interactie met de strafvordering komen aan bod.

Het groeiende spanningsveld tussen het tucht- en strafrechtelijke antiwitwascontentieux voor advocaten: over stijgende besmettingsrisico’s en de nood aan intensieve zorgen

Toen het zogenaamd preventieve antiwitwasluik werd ingevoerd, gebeurde dat onder de premisse dat het strikt gescheiden zou blijven van zijn repressieve tegenhanger. Eventuele tekortkomingen in antiwitwascompliance mochten niet worden gelijkgesteld met een strafbare witwasoperatie.

Sinds de introductie van de ‘risk-based approach’ is het bewaken van die scheidingslijn alleen maar belangrijker geworden. In de praktijk blijkt echter precies het omgekeerde het geval. Steeds vaker worden onderworpen entiteiten samen met hun cliënteel verantwoordelijk gehouden als deelnemers aan een witwasoperatie die aan hun waakzaamheid is ontsnapt.

Thomas Incalza brengt het spanningsveld in kaart tussen het tucht- en strafrechtelijke antiwitwascontentieux voor advocaten. Daarbij besteedt hij niet alleen aandacht aan de stijgende besmettingsrisico’s tussen beide luiken maar ook aan de zorgen die men in de praktijk kan toedienen om de kans op een infectie tot een minimum te herleiden.

50 tinten wit

Barbara Huylebroek schetst de moeilijkheden van de bewijsrechtelijke vraagstukken in het kader van een onderzoek naar een witwasmisdrijf. Vanaf wanneer kan een witwasmisdrijf als bewezen verklaard worden en bij wie ligt welke verantwoordelijkheid in het kader van de bewijslast? Kan er inderdaad sprake zijn van een omkering van de bewijslast, zoals soms beweerd? De nodige rechtspraak komt daarbij aan bod.

OVER DE SPREKER

Barbara Huylebroek

Barbara Huylebroek is licentiaat in de criminologische wetenschappen en master in de rechten. Onmiddellijk na haar studies is zij gestart als advocaat aan de balie Brussel Nl en is hoofdzakelijk actief in het strafrecht. Zij doceert daarnaast, als assistente, materieel strafrecht aan de faculteit rechten en criminologie aan de VUB en is sinds 2018 lid van de raad van de Orde en sinds 2020 voorzitter van het BJB. Tot slot is zij actief als substituut-bondsprocureur bij de Belgische Voetbalbond.

OVER DE SPREKER

Thomas Incalza

Thomas Incalza is advocaat bij de Brusselse balie, verbonden met het kantoor Quinz. Hij is doctor in de rechten en gastprofessor aan KU Leuven en UHasselt. In april 2013 adviseerde hij het ESEC over de redactie van de vierde antiwitwasrichtlijn. In 2018 doctoreerde hij aan de KU Leuven met een proefschrift over de buitengewone positie van fiscale fraude als basismisdrijf voor witwassen. Sinds 2020 zetelt hij in de commissie straf- en strafprocesrecht van de OVB.

OVER DE SPREKER

Luc Vanhees­wijck

Luc Vanheeswijck is in 1983 afgestudeerd als licentiaat in de rechten aan de KU Leuven. Hij is onmiddellijk na zijn studies begonnen als advocaat aan de Brusselse balie en was vooral actief in het fiscaal recht. Sinds 2014 is hij kabinetschef van de stafhouder van de NOAB. In die hoedanigheid volgt hij ook de naleving van de witwaswetgeving mee op. Hij is eveneens lid van de witwascontrolecel van de OVB. Daarnaast doceert hij ook de cursus fiscale procedure aan de faculteit rechten van de KU Leuven.

MEDE MOGELIJK GEMAAKT DOOR

WEBSITE BY OKAPPI x KOLOS